/image/00/1/peugeot-3008-2016-088-fr.379001.jpg

Ontdek de diverse rijhulpsystemen van PEUGEOT:

CRUISE CONTROL

ACTIEF

De actieve cruise control is een snelheidsregeling/-beperking met uitgebreide regelfunctie die automatisch de afstand tot een voorligger aanhoudt.

Deze functie is uitermate geschikt voor het rijden op autosnelwegen met weinig of geen druk verkeer door te vermijden dat de cruise control systematisch uitschakelt wanneer een voorligger opduikt. Zodra de radar een voertuig detecteert, wordt een constante tussenafstand aangehouden door automatisch tot 20 km/u af te remmen op de motor. Wanneer de weg weer vrij is, wordt de ingestelde snelheid opnieuw aangenomen. Indien 20 km/u niet volstaat om voldoende afstand te houden, wordt de bestuurder gealarmeerd zodat die de snelheid kan regelen.

ADAPTATIEF MET STOPFUNCTIE (ACC STOP)

De wagen is uitgerust met een radar in het midden van de voorbumper, met een maximaal bereik van 150 meter. Tussen 30 km/u en 180 km/u vervult de adaptieve cruise control met stopfunctie (ACC Stop) 2 functies :

  • Automatisch aanhouden van de snelheid die door de bestuurder werd ingesteld
  • Automatisch regelen van de afstand tot een voorligger (3 niveaus: ver, normaal en dicht)

Dit systeem detecteert een voorligger die in dezelfde richting rijdt. Het systeem stelt de rijsnelheid automatisch af op die van de voorligger door op de motor te remmen en de remmen te bedienen (de remlichten werken dan) om de constante tussenafstand aan te houden, en dit tot de wagen volledig tot stilstand is gekomen (voor wagens met automatische versnellingsbak) of tot een snelheid van 30 km/u i.

GRIP

GRIP CONTROL

Grip Control maakt de wagen nog veelzijdiger door de tractie te verbeteren op een ondergrond met weinig grip, dit met behulp van een knop op de middenconsole. Het gepatenteerde systeem is gecombineerd met specifieke banden.

Het veelzijdige Grip Control® optimaliseert de tractie op elke ondergrond door in te grijpen op de voorwielaandrijving. De bestuurder behoudt te allen tijde de controle. Die kan ondertussen wel rekenen op de intelligentie van het systeem in de standaardmodus of een andere modus selecteren met de draaiknop:

  • De standaardmodus is bedoeld voor normale rijomstandigheden met weinig gripverlies.
  • De sneeuwmodus stemt de tractie meteen af op gripverlies van de voorwielen naargelang de rijomstandigheden; Vanaf een snelheid van 50 km/u schakelt het systeem weer over naar de standaardmodus.
  • De terreinmodus vergemakkelijkt rijden in het terrein (modder, nat gras...). Wegrijden wordt vergemakkelijkt door zoveel mogelijk trekkracht naar het wiel met de meeste grip te sturen. Het systeem werkt als een sperdifferentieel tot een snelheid van 80 km/u.
  • De zandmodus laat beide aangedreven voorwielen tegelijk spinnen om vlotter in het zand te kunnen rijden en te voorkomen dat men zich vastrijdt. Deze functie werkt tot een snelheid van 120 km/u waarbij wordt overgeschakeld naar de standaardmodus.
  • ESP Off biedt de bestuurder de mogelijkheid om ESP en Grip Control volledig uit te schakelen tot een snelheid van 50 km/u en zo totale controle te behouden over de grip.
/image/00/2/peugeot-2008-2016-214-fr.379002.jpg

ADVANCED GRIP CONTROL

Het geperfectioneerde Advanced Grip Control vervult de volgende functies:

  • Optimale tractiecontrole met vijf modi (normaal, sneeuw, modder, zand, ESP Off) die worden geselecteerd met een draaiknop op de middenconsole.
  • Speciale 18’’ M+S (Mud & Snow) banden.
  • Hill Assist Descent Control (HADC) om in alle veiligheid steile hellingen af te rijden. Dit innovatieve systeem houdt automatisch een heel lage snelheid (3 km/u) aan om de bestuurder in alle sereniteit en veiligheid door penibele rijsituaties te helpen.
    • Deze functie wordt geactiveerd met een speciale drukknop op de middenconsole bij snelheden tot 70 km/u. Het systeem werkt bij een snelheid van minder dan 30 km/u.
    • Op lichte hellingen zonder problemen kan de bestuurder het gas- en rempedaal loslaten. In eerste of tweede versnelling wordt de snelheid automatisch geregeld.
    • Op steile hellingen en/of in moeilijke rijomstandigheden kan HADC worden geactiveerd door in vrijloop te schakelen. De aangehouden snelheid ligt lager voor maximale rijveiligheid.
    • HADC houdt rekening met de hellingsgraad:
      • tussen 5 en 8% bedraagt de snelheid 17 km/u.
      • boven 8% ligt de snelheid tussen 3 en 17 km/u.

ACTIVE CITY BRAKE & ACTIVE SAFETY BRAKE

ACTIVE CITY BRAKE

Active City Brake is een automatisch noodremsysteem voor in de stad. Dit systeem helpt zo aanrijdingen voorkomen of beperken. Daartoe maakt de LIDAR-technologie gebruik van een kortegolflasersensor die bovenaan de voorruit is geplaatst. Zo worden obstakels als bv. een rijdend of stilstaand voertuig in dezelfde richting of dezelfde rijstrook gedetecteerd.

Zonder tussenkomst vanwege de bestuurder en tot een snelheid van 30 km/u activeert Active City Brake het volle remvermogen om het snelheidsverschil tussen voertuig en obstakel te verminderen. Die automatische vertraging kan oplopen tot 10 m/s².

ACTIVE SAFETY BRAKE

Active Safety Brake (automatische noodremassistentie) treedt in werking indien de bestuurder na een alarmsignaal niet snel op de rem gaat staan. Op die manier wordt een aanrijding voorkomen of minstens beperkt door de rijsnelheid te verlagen. Het systeem detecteert voertuigen die stilstaan of in dezelfde richting rijden, maar ook voetgangers op de rijweg (fietsen, motorfietsen, dieren en voorwerpen op de rijweg worden niet gedetecteerd). Active Safety Brake wordt geactiveerd wanneer:

  • De rijsnelheid tussen 5 km/u en 140 km/u ligt en een rijdend voertuig wordt gedetecteerd.
  • De rijsnelheid niet hoger ligt dan 80 km/u wanneer een stilstaand voertuig wordt gedetecteerd.
  • De rijsnelheid niet hoger ligt dan 60 km/u wanneer een voetganger wordt gedetecteerd.

DISTANCE ALERT

Distance Alert (afstandsalarm) waarschuwt de bestuurder wanneer de wagen een voorligger of voetganger in dezelfde rijstrook dreigt aan te rijden. Dit audiovisuele alarm treedt in werking net voor Active Safety Brake wordt geactiveerd.

LANE DEPARTURE WARNING SYSTEM

STANDAARD

Rijstrookbewaking is een systeem dat met behulp van een camera volle of onderbroken witte lijnen detecteert en waarschuwt wanneer deze wegmarkeringen onvrijwillig worden overschreden. Voor maximale rijveiligheid analyseert een camera het beeld en wordt een audiovisueel alarm geactiveerd wanneer van de rijstrook wordt afgeweken bij snelheden hoger dan 80 km/u.

ACTIEF

Tussen 65 km/u en 180 km/u voert actieve rijstrookbewaking ook stuurcorrecties uit: zodra het systeem oordeelt dat gedetecteerde wegmarkeringen onvrijwillig dreigen te worden overschreden, wordt lichtjes tegengestuurd om de wagen in de rijstrook te houden. De bestuurder kan dit desgevallend tegengaan door het stuur stevig vast te houden (bijvoorbeeld om uit te wijken). Stuurcorrecties worden onderbroken door het activeren van de richtingaanwijzers.

DODEHOEKBEWAKING

STANDAARD

Dodehoekbewaking waarschuwt de bestuurder voor een voertuig links of rechts in de dode hoek. Deze uitrusting is leverbaar met parkeersensoren vooraan en achteraan of Visiopark 1.

ACTIEF

/image/00/3/peugeot-308-2013-100-fr.379003.jpg

Tussen 12 km/u en 140 km/u waarschuwt dit systeem wanneer er zich een voertuig in de dode hoek bevindt en potentieel gevaar inhoudt. Een waarschuwingslampje in de zijspiegel aan de betreffende kant licht op wanneer een voertuig (personenwagen, vrachtwagen, fiets) wordt gedetecteerd.

Dit systeem werkt samen met de actieve rijstrookbewaking: naast het waarschuwingslampje in de zijspiegel wordt een stuurcorrectie uitgevoerd wanneer de wegmarkering wordt overschreden met ingeschakelde richtingaanwijzer om zo een ongeval te helpen voorkomen.

BESTUURDERSALARM

RIJTIJDALARM

Het rijtijdalarm wordt geactiveerd wanneer het systeem detecteert dat na twee uur rijden met een snelheid hoger dan 65 km/u geen pauze wordt genomen. Er verschijnt dan een melding om de bestuurder aan te manen tot het nemen van een pauze, samen met een geluidssignaal.

AANDACHTALARM

Het rijtijdalarm wordt aangevuld door een aandachtalarm voor de bestuurder. Hiertoe is de wagen uitgerust met een camera bovenaan de voorruit die het traject analyseert. Het systeem monitort de aandacht van de bestuurder door afwijkingen ten opzichte van wegmarkeringen te detecteren. Er zijn verschillende soorten audiovisuele alarmsignalen ("Soyez vigilant!" of "Faites une pause !" ).